Ik slaag er altijd in koffie over mijn lievelingsspulletjes te gooien en ze er vervolgens mooier uit te laten komen.
(Dit keer gooide ik mijn koffiekopje om vlak naast mijn favoriete boek, Everything is Illuminated.)
Ik slaag er altijd in koffie over mijn lievelingsspulletjes te gooien en ze er vervolgens mooier uit te laten komen.
(Dit keer gooide ik mijn koffiekopje om vlak naast mijn favoriete boek, Everything is Illuminated.)
Dit is het. Dit is het precies. Het is zo moeilijk uit te leggen aan mensen die het niet ervaren op deze manier. Het is vaak zo overweldigend dat ik echt even moet gaan zitten of huilen, terwijl het niet altijd iets negatiefs hoeft te zijn. De geur maakt het gevoel zo sterk. Ook mij maakt het bang.
De winter is voorbij aan het gaan en bloemen beginnen te kleuren, maar nog steeds voel ik mij alsof ik moet winterslapen. Nog altijd zit ik vast in mijn holletje en buiten lijkt het te sneeuwen, terwijl het witte licht dat naar binnen probeert te komen door de kieren in feite het zonlicht is.
‘We gaan vanaf vandaag iedere maand een dikke deken halen. Iedere maand, tot we er veertien hebben. En als we dan ons grashuisje in IJsland hebben staan, op een berg, waarvan de top eigenlijk de rand van een dal is dat je niet kunt zien van buitenaf, bekleden we de hele vloer met dekens. Zwaar velours, gevlochten, gehaakte dekens. Zo zwaar dat ze je meteen de slaap indrukken als je eronder gaat liggen. En niemand zal je storen, want als er iemand dicht bij de berg komt, zal ik de kachel zo hard stoken dat iedereen in de buurt zal denken dat de rook wordt veroorzaakt door een actieve vulkaan.’
Lief, dankjewel.